Aandeel van de 30-44 jarigen in de totale bevolking

Aandeel van de 30-44 jarigen in de totale bevolking

Thema

Bevolking


Gewestelijk gemiddelde (2016)

24,21 %

I. Inleiding

De personen van 30 tot en met 44 jaar oud vormen een bijzonder belangrijke leeftijdsgroep op economisch en demografisch vlak. Het gaat hier om de leeftijdsgroep waarin een groot gedeelte van de actieve en op de arbeidsmarkt aanwezige bevolking zich bevindt. Het is tevens de levensperiode waarin over het algemeen het gezinsproject van individuen concrete vorm krijgt, waarin men gaat samenwonen en kinderen krijgt. Tot slot is ook het verwerven van een eigendom een gebeurtenis die voor de meesten in deze levensperiode plaatsvindt. Daarom zijn de personen van 30 tot en met 44 jaar en hun kinderen jonger dan 10 jaar de voornaamste actoren van het suburbanisatieproces dat de Brusselse demografie al vele decennia in zijn greep heeft. Sinds een halve eeuw kent het Brussels Hoofdstedelijk Gewest immers een intern migratiedeficit (meer uitwijkelingen naar de rest van het land dan inwijkelingen uit het Vlaams en Waals Gewest) voor deze leeftijdsgroep.



II. Beschrijving van de kaart

II.1. In 2016

De kaart toont een erg duidelijke tegenstelling tussen het centrum en de tweede kroon. In het centrum bevindt deze leeftijdsgroep zich vooral in de Vijfhoek en in het oosten en zuiden van de eerste kroon (de wijken nabij de Europawijk en langs het Louizalaan).

 

De hoogste proporties van personen tussen 30 en met 44 jaar vindt men in de wijken die tot het historische centrum van Brussel (Vijfhoek) behoren en in de uitlopers daarvan tot aan Vanderkinderen, tot aan de Universiteitswijk en tot rond de Europawijk. De verspreiding van deze groep hangt nauw samen met de verspreiding van personen met geen Belgische nationaliteit, onder andere naar aanleiding van de versterkte Europese rol van Brussel. De volwassenen van 30-44 jaar wonen in dezelfde wijken als de jongeren van 18-29 jaar, terwijl de volwassenen van boven de 45 jaar meer in de tweede kroon zijn geconcentreerd. In die tweede kroon ligt het aandeel van de volwassenen van 30-44 jaar beduidend lager dan het gewestelijke gemiddelde.

 

II.2 Evolutie van 1997 tot 2016

Tussen 1997 en 2013 is het relatieve gewicht van deze leeftijdsgroep in het Brussels Gewest toegenomen. De 30-44-jarigen vertegenwoordigden 22,73 % in 1997 en 24,53% in 2013. Sinds 2013 neemt hun aandeel af, sinds 2015 ook hun absoluut aantal.

Tussen 1997 en 2016 is de spreiding van deze groep binnen de Brusselse wijken gewijzigd. In 1997 zijn de 30-44-jarigen sterk aanwezig in de centrale wijken, vanaf het oostelijke deel van de Vijfhoek tot aan de Vanderkinderen/Europese wijk en de Universiteitswijk. In 2016 is hun aanwezigheid nog versterkt in deze laatste  wijken en uitgebreid naar de gehele Vijfhoek en nu vooral aanwezig in het westen van de Vijfhoek. Verder is de zone uitgebreid naar de wijken ten oosten en ten zuiden van de Europese wijk en naar de wijken in het zuiden van de Vijfhoek, tot aan de wijk Hoog Sint-Gillis. In deze zone is hun aanwezigheid het sterkst. Verder is hun relatieve aanwezigheid ook toegenomen, maar minder, in de arme sikkel en in de aanliggende wijken. In de tweede kroon in het zuidoostelijke kwadrant was deze leeftijdsgroep in 1997 beter vertegenwoordigd. Hier is hun aandeel gedaald.


 

De definitie van de cursief gedrukte woorden vindt u in het glossarium van de website.